
+ Inhoudsopgave (klik om te openen)
Kritiek Raad van State op wetsvoorstel VBAR uitgelicht
De Raad van State heeft een kritisch advies uitgebracht over het wetsvoorstel Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelatie en Rechtsvermoeden (VBAR). In het advies wordt erkenning gegeven aan de knelpunten die de regering signaleert, zoals de kwetsbare positie van bepaalde schijnzelfstandige ondernemers op de arbeidsmarkt. Tegelijkertijd stelt de Raad van State dat het wetsvoorstel in grote mate bestaande regels bevestigt. In de beoordeling van VBAR wordt geconcludeerd dat de voorgestelde maatregelen slechts in beperkte mate bijdragen aan het terugdringen van schijnzelfstandigheid.
Wet DBA biedt volgens Raad van State meer houvast
Volgens de Raad van State kan de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelatie een effectiever instrument zijn om schijnzelfstandigheid aan te pakken. De Belastingdienst gaat deze wet vanaf 1 januari 2025 weer actief handhaven. In het advies wordt echter ook aangegeven dat hiermee de onderliggende problemen op de arbeidsmarkt niet volledig worden opgelost.
De voorgestelde oplossingen binnen VBAR lijken zich vooral te richten op het vastleggen van al bestaand recht. Zo bevat het wetsvoorstel een bepaling waarin sprake is van een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst wanneer het uurtarief lager is dan € 33. De Raad van State plaatst vraagtekens bij de toegevoegde waarde van deze maatregel.
De Belastingdienst heeft eerder al meer duidelijkheid gegeven over het beoordelen van arbeidsrelaties via een uitgebreide toelichting en een keuzetool. Volgens de Afdeling advisering van de Raad van State kan het achteraf kwalificeren van een arbeidsrelatie grote financiële gevolgen hebben, bijvoorbeeld bij het alsnog afdragen van pensioenpremies. Daarbij ontbreekt in het wetsvoorstel een duidelijke aanpak voor het beheersen van deze risico’s.
Twijfels over aansluiting bij moderne arbeidsmarkt
In het advies gaat de Raad van State ook in op de vraag of het wetsvoorstel voldoende aansluit bij de huidige arbeidsmarkt. Zo bevat VBAR plannen om oproepcontracten te verbieden. De Raad van State plaatst kanttekeningen bij de praktische uitvoerbaarheid en het daadwerkelijke effect van een dergelijk verbod.
Daarnaast wordt aangegeven dat de verwachtingen rondom het afbakenen van bestaande vormen van flexibel werk beperkt zijn. Volgens de Raad van State draagt het wetsvoorstel daardoor maar in geringe mate bij aan een toekomstbestendige inrichting van de arbeidsmarkt.
Mijnzzp.nl
