Team Mijnzzp

Waterschapsbelasting

Kwijtschelding waterschapsbelasting voor zzp’ers: waarom dit vaak niet lukt

In Nederland zijn ongeveer 1,2 miljoen zzp’ers actief en een aanzienlijk deel daarvan heeft een inkomen rond het minimum. Waar mensen met een inkomen op bijstandsniveau vaak in aanmerking komen voor kwijtschelding waterschapsbelasting, geldt dit in veel gevallen niet voor zzp’ers. Uit cijfers van de Unie van Waterschappen blijkt dat ongeveer de helft van de zzp’ers met een laag inkomen buiten de boot valt. Daarnaast sluiten sommige gemeenten zelfstandig ondernemers ook uit van kwijtschelding van gemeentelijke belastingen.

Waarom zzp’ers vaak worden uitgesloten

Al in 2011 heeft de Unie van Waterschappen aangegeven dat het mogelijk is om kleine ondernemers in aanmerking te laten komen voor kwijtschelding. Toch kiest ongeveer de helft van de waterschappen ervoor om zzp’ers uit te sluiten. Ook bij waterschappen die deze uitsluiting niet hanteren, lopen zelfstandigen vaak alsnog tegen problemen aan.

De belangrijkste reden hiervoor is de toepassing van een strenge vermogenstoets. In sommige gemeenten en waterschappen mag een zzp’er niet meer dan € 1.175 aan vermogen hebben om voor kwijtschelding in aanmerking te komen. Ontvang je rond de peildatum een betaling van een opdrachtgever, dan kan dit betekenen dat je net boven de grens uitkomt. Zelfs als dit geld direct nodig is om openstaande rekeningen te betalen, telt het alsnog mee als vermogen.

Grote verschillen tussen gemeenten en waterschappen

Gemeenten en waterschappen hanteren uiteenlopende regels als het gaat om kwijtschelding van gemeente- en waterschapsbelasting. Hierdoor kan het voorkomen dat een zzp’er in de ene gemeente wel in aanmerking komt voor kwijtschelding, terwijl een ondernemer met een vergelijkbaar inkomen elders wordt afgewezen. Dit is wettelijk toegestaan, maar zorgt wel voor ongelijke behandeling.

Daarnaast zijn er zelfstandig ondernemers die een aanvulling ontvangen via de bijstand voor zelfstandigen. Wanneer zij een betaling van een opdrachtgever krijgen, moeten deze inkomsten later worden verrekend met de ontvangen bijstand. Op papier kan het lijken alsof er tijdelijk meer vermogen beschikbaar is, terwijl dit bedrag uiteindelijk wordt verrekend. In de praktijk kan dit ertoe leiden dat het inkomen onder de armoedegrens blijft, maar dat er toch geen kwijtschelding wordt verleend voor gemeentelijke en waterschapsbelastingen.

Mijnzzp.nl